laatste nieuws

Het is sinds onze laatste Nieuwsbrief van april 2018 een tijdje stil geweest, maar dat wil niet zeggen dat er niet gewerkt werd aan ons project Geschiedschrijving klein-seminarie Ypelaar 1950-1969. Integendeel. Wij hebben immers op Ypelaar geleerd onze tijd nuttig te besteden, en geen minuut verloren te laten gaan aan nietsdoen. Samen met Jan de Kort hebben we meerdere dagen onderzoek verricht in het archief van de Ypelaar, dat berust bij het bisdom Breda. En de oogst is iedere keer weer groot.

De laatste maanden is vooral doorgewerkt in het persoonlijk archief van Piet van Kalmthout, die alles maar dan ook alles uit zijn Ypelaar-periode (1963-1969) heeft bewaard, en verder met de aantekeningen, reproducties enz. van onze laatste archiefbezoeken in Breda. Daarmee zijn vooral binnen het hoofdstuk Inleiding de snelle ontwikkelingen van de jaren 1960 beter uitgewerkt.

Het waren de jaren van de kentering. Ja, wanneer kwam de kentering? Sommigen zeggen al vanaf 1961. Anderen merken op dat het al vanaf 1962 op de Ypelaar in de weekeinden stil was, want iedereen mocht (toen al) in weekeinden naar huis, terwijl de blijvers, en dat waren vooral de leerlingen die ver weg woonden, zoals de Zeeuws-Vlamingen, heel vaak de weekeinden alleen op Ypelaar doorbrachten, en leefden in een bijna lege school. Terwijl De Lepper dit toch wilde voorkomen. Maar De Lepper kon de ontwikkelingen niet meer tegenhouden. De grote kentering kwam in 1964. Vanaf dat moment verandert er enorm veel, en in razend snel tempo: er komen twee televisie-toestellen die de sfeer geen goed doen, de dagelijkse Mis en de Vespers worden afgeschaft, iedereen mag (straks moet) nu ieder weekeinde naar huis, vanaf 1965 komen er externen, internen gaan in Breda naar de HBS, de hogerejaars internen moeten weer terug naar de oude slaapzaal, het aantal interne leerlingen loopt zienderogen terug, en de zusters stoppen er mee. Tot overmaat van ramp krijgt De Lepper een schoolbestuur over zich heen, en is hij  geen “regent” meer, maar “rector”. Die laatste jaren moeten voor hem tragisch zijn geweest. Hij moet de ondergang van zijn seminarie beschouwd hebben als de mislukking van zijn levenswerk.

Algemene Verordening Gegevensbescherming, met aandachtspunten

Om duidelijkheid te verkrijgen over de consequenties voor ons project van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) die sinds 25 mei 2018 van kracht is, hebben wij op 4 juli een brief verzonden aan de Autoriteit Persoonsbescherming in Den Haag, met drie vragen in verband met ons project. Wij hebben er in de voorgaande Nieuwsbrief al iets over gezegd. Op vrijdag 24 augustus kregen wij telefonisch antwoord op de in onze brief gestelde vragen.

De volgende zaken vragen aandacht.

Ons project is indertijd, ondertussen al vijf jaar geleden, met quasi niets begonnen, en de geijkte manier om contact te krijgen met oude klasgenoten was het openen van een website. Aan oud-leerlingen werd gevraagd om teksten te schrijven, herinneringen op papier te zetten, foto’s in te sturen, een evaluatie van de opleiding op Ypelaar te geven, enzovoort. Dit heeft geleid tot inzendingen van ongeveer 150 oud-leerlingen. Officieel mogen de teksten die oud-leerlingen hebben ingezonden niet zomaar gepubliceerd worden, maar als we de inzenders informeren, opnieuw op de hoogte stellen dat de teksten gepubliceerd worden, mogen we ervan uitgaan dat daarmee impliciet toestemming is verleend tot publicatie.

Eerste punt van aandacht: Wij zullen dus alle inzenders van bijdragen via e-mail nogmaals vragen zich akkoord te verklaren met publicatie.

Tweede aandachtspunt: Teksten die wij overnemen van bijvoorbeeld websites van universiteiten, zoals curricula vitæ bijvoorbeeld van docenten, hoogleraren en emeriti hoogleraren, kunnen niet zomaar gebruikt worden, want ze zijn voor andere doeleinden opgemaakt. Hoewel deze teksten openbaar zijn, mag men ze, juridisch gezien, niet voor een ander doel gebruiken. Oud-leerlingen wier cv op deze wijze vermeld werd, vragen wij vriendelijk ons een door hen bewerkte tekst te sturen! Wij kunnen er ook een maken, maar dan vallen wellicht de voor de persoon in kwestie belangrijke punten weg.

Derde aandachtspunt: Met foto’s waar personen op staan, en met name geldt dit voor klassefoto’s en foto’s uit het internaatsleven zoals de verkennerij, hebben we een groot probleem. De foto’s mogen we wel publiceren, want iedereen is sindsdien toch onherkenbaar, echter zonder vermelding van namen, en als er namen bij geplaatst worden dan enkel met expliciete toestemming van betrokkenen. Het is natuurlijk onbegonnen werk iedereen te achterhalen. We mogen dus alleen maar geanonimiseerde foto’s plaatsen, maar wel met beschrijvingen uit welke tijd, welk thema, wàt er op de foto staat, maar niet wié er op de foto staat.

Vierde aandachtspunt:

Hetzelfde geldt voor de alfabetische leerlingenlijst, die niet zo afgedrukt mag worden. Op basis van de leerlingenlijsten in het archief zijn wij weliswaar in staat een volledige lijst van leerlingen samen te stellen, maar ingevolge de nieuwe wetgeving mogen wij nu slechts namen van leerlingen vermelden die zelf een tekst en/of een curriculum vitæ hebben ingestuurd of uitdrukkelijk toestemming hebben gegeven. Een volledige leerlingenlijst mogen wij dus niet publiceren. Enkel degenen die overleden zijn of die eigen bijdrage aangeleverd hebben blijven over. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt niet voor overledenen.

Het hoofdstuk over de docenten levert geen probleem op. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt immers niet voor overledenen. De mortuis nil nisi bene.

Dat geldt ook voor het hoofdstuk over het gebouw en de nieuwbouw, want als daarbij al namen genoemd worden van personen die op de foto’s staan, dan waren die toen in de kracht van hun leven, en mogen we ervan uitgaan dat zij 70 jaar na datum niet meer onder de levenden gerekend kunnen worden.

Vijfde punt: Ons Ypelaar-boek wordt dus een ander boek dan wij in het begin gedacht hadden. Wij gaan nu het hele concept doornemen en doorstrepen wat wel of niet blijft staan, wat zeker wegvalt, kijken naar evenwichtigheid in omvang hoofdstukken, naar wat anders geformuleerd moet worden, et cetera.

Tevens zal iedereen via zijn of haar emailadres benaderd worden om te reageren met betrekking tot bovengenoemde aandachtspunten.

In verband hiermee stelt zich ook de vraag hoe we nu verder moeten gaan met het materiaal dat we al hebben, en niet mogen gebruiken. Gezien de beperkingen die de wetgeving op oplegt is het duidelijk, en het is jammer, dat veel gegevens die van overal vandaan door oud-leerlingen zijn doorgegeven, niet gepubliceerd mogen worden, en dat daarmee belangrijke historische bronnen vervallen. Nu weten we nog wie er op de foto’s staan, over twintig jaar is er niemand meer die dat nog weet, nu hebben we nog die leuke humoristische liedjes die de vijfde-klassers zongen bij het afscheid van de zes-klassers, maar straks snapt niemand meer waar het over gaat.

Wij moeten daarom ook gaan denken aan “archiefvorming”. Het archief van de Ypelaar, dat bewaard en beheerd wordt door het bisdom Breda, is volledig geïnventariseerd, en toegankelijk voor onderzoek. Maar er zijn bestanddelen die niet in dat archief zijn opgenomen, maar die wel van groot belang kunnen zijn voor toekomstig onderzoek. Sommige oud-leerlingen hebben nog jaargangen van De Keten, anderen de stencils met de afscheidsliedjes van de vijfde klas, weer anderen examenopdrachten, schoolboeken, en klassefoto’s mét de namen erbij. Enzovoort. Daarbij zit natuurlijk veel van wat wij nu, gezien de recente privacy-wetgeving, niet mogen publiceren. Dit alles moet wèl bewaard worden, en mag niet verloren gaan.

Zesde aandachtspunt: Een uitgave ad usum privatum, een boek dus dat niet in de handel komt, zonder ISBN-nummer, alleen verstrekt aan personen die ingetekend hebben, is geen optie. Juristen noemen dat “huishoudelijk gebruik”, maar dat concept is juridisch zeer beperkt. Als wij een boek maken dat alleen onder de inschrijvers wordt verdeeld, is het toch nog altijd mogelijk dat het op de een of ander manier in de openbaarheid komt, of dat het een journalist in handen komt.

Daarom zoeken we een uitgever. Het boek moet worden gedrukt en verspreid. Drukken, uitgeven en voorraadbeheer zijn zaken die niemand van ons op zich kan nemen. En in verband daarmee is er bezinning noodzakelijk over de (voor)financiering van de uitgave. Wie van jullie, oud-leerlingen, heeft ervaring met dit vak? Zijn er tips?

Na een grondige eerste screening van de site kan de voortgang van ons project te zijner tijd weer gevolgd worden op de website www.seminarie-ypelaar.nl U hoort dus nog van ons.