Zusters

1965-1-24 zusterfeest 1

 

 

 

 

 

De zusters van de Ypelaar, gefotografeerd bij gelegenheid van het Zusterfeest op 24 januari 1961. De zusters die voor ons kookten, noemden we de Katten. De grote forse non helemaal rechts tweede rij noemden we de Papfles.

Het huishouden op het seminarie Ypelaar werd verzorgd door de zusters Franciscanessen van Breda. Deze congregatie had en heeft haar moederhuis Mater Dei aan de mgr. Hopmansstraat te Breda. Deze congregatie is altijd van speciale betekenis geweest in het bisdom Breda. De zusters hadden de leiding over verschillende ziekenhuizen, bejaardenhuizen in het bisdom zoals bijvoorbeeld het Ignatiusziekenhuis in Breda, het psychiatrisch ziekenhuis Sint Antonius te Leur en Huize Lucia te Princenhage. Zusters van deze congregatie waren ook werkzaam in de huishouding van de bisschop. Ze droegen van 1922 tot aan de opheffing in 1967 de zorg voor de priesterstudenten op het groot-seminarie Bovendonk, en werkten tot de opheffing in 1969 op het klein-seminarie Ypelaar. Verschillende bisschoppen zoals bisschop Ernst, namen na hun aftreden, hun intrek in huizen van de congregatie.

boek Alles voor Allen

De geschiedenis van de congregatie over de periode 1947-2007 is in 2007 beschreven voor Trees Sponselee-de Meester in haar boek getiteld ‘Alles voor Allen’.[1] Ze beschrijft de ontwikkelingen binnen de congregatie, de afbouw van de werkzaamheden en de doorwerking van het Tweede Vaticaans Concilie. Haar betoog is gelardeerd met verschillende interviews met leden van de congregatie. De zusters willen hun levenswerk verantwoord achterlaten, onder andere via deze geschiedschrijving waarin de laatste zestig jaar uitvoerig gedocumenteerd zijn.

De zorg van de zusters was perfect. Nooit zal ik vergeten hoe ze me in de ziekenboeg verzorgden, toen ik in 1958, doodziek, geveld was door de aziatische griep. Het eten was uitstekend, eenvoudig maar evenwichtig. Natuurlijk hadden wij als opgroeiende pubers wel eens meer honger dan de pot schafte, en dan werd er wel eens geschooid aan andere tafels. Als ondeugende jongens vonden wij de lapjes vlees natuurlijk veel te dun, en spraken wij over gevaar voor atoomsplitsing als ze nog dunner gesneden zouden zijn. En wij hadden ook opgemerkt dat de dag nadat het gras van de sportvelden gemaaid was, er spinazie op het menu stond. Voor ons lag er een duidelijke link. – Régis de la Haye (1957-1963)

Het eten in de refter (de eetzaal) was vreselijk lekker, koken konden de nonnen als de besten. Misschien kan iemand zich nog herinneren, dat we bij het warm eten altijd pudding na kregen en ik daar zo gek op was, dat ik aan het eind langs de tafels ging “schooien” om soms met wel 3 schalen waar nog pudding in zat naar “mijn” tafel terug te keren. – Peter Zom (1963-1967)

[1] Trees Sponselee-de Meester, “Alles voor Allen”: geschiedenis van de zusters Franciscanessen van Breda 1947-2007 (Nijmegen, Valkhof Pers, 2007, ISBN 978.90.5625.266.3).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *