Studie

Het les- en studieniveau op de Ypelaar was zeer hoog. Het beleid was er uitdrukkelijk op gericht om alle leerlingen te laten slagen voor het diploma Gymnasium A of B. In de praktijk lukte dat ook, al liet men soms leerlingen klas 5 doubleren om er zeker van te zijn dat ze het eindexamen zouden halen.
Het lesprogramma was het Gymnasium-programma van vóór de Mammoetwet. Dat betekent (in de ervaring van alle oud-leerlingen) dat de eisen vele malen hoger waren dan in het Gymnasium van nà de Mammoetwet.

Klik op de foto’s en vergelijk met het niveau van tegenwoordig !

proefwerk-grieks-VI-1955

Proefwerk grieks klas 6 (1955).

compositie-grieks-VA-1962 Proefwerk grieks klas 5 (1962).

Bovendien vonden onze leraren het officiële, landelijk erkende Gymnasium-programma blijkbaar wat aan de lichte kant, en in ieder geval onvoldoende om ons voor te bereiden op een studie filosofie en theologie aan het Groot-Seminarie in Bovendonk, in Hoeven. Wij kregen dus extra vakken die niet op het Gymnasium-programma stonden, zoals Inleiding in de Bijbelwetenschappen, Inleiding in de Filosofie, Geschiedenis van de klassieke muziek, en Liturgiegeschiedenis, dit laatste in de beginjaren 1960 omdat het Concilie weldra zou beginnen, en het al duidelijk was dat één van de eerste besluiten genomen zou worden over een grondige hervorming van de liturgie.
Facultatief waren voor muzikaal begaafde leerlingen ook pianoles en orgelles. In de kamertjes bij de toneelruimte stonden piano’s, waar in de vrije uren geoefend kon worden, en op het grote orgel in de kapel gaf Kuypers orgelles.
Het niveau van een leerling die op de Ypelaar afgestudeerd was, stond, mutatis mutandis, zeker gelijk met een huidige universitaire eerste-jaars studie theologie.
Bovendien was het niveau van de toenmalige diocesane Groot-Seminaries beduidend hoger dan een tegenwoordige universitaire studie theologie. De studie duurde zes jaar, en bovendien was de beginsituatie vele malen hoger dan tegenwoordig, waar meestal nog de beginselen van de klassieke talen geleerd moeten worden, en bovendien de kennis van de moderne talen zeer beperkt is, zodat het lezen van wetenschappelijk werk nauwelijks mogelijk is.
Alle oud-leerlingen van de Ypelaar zijn het in ieder geval hierover eens dat het studieniveau uitmuntend was, zeer hoog, dat de opleiding die we op de Ypelaar hebben gekregen een stevige basis is geweest voor heel het verdere leven, en dat we er nog altijd zeer dankbaar voor zijn.

proefwerk-geschiedenis-klasD’Haen op zijn studieplek in de oude studiezaal (archief Peter Schelleman).

Proefwerk geschiedenis klas 5 (1962-1963)

Niet alleen het lesprogramma en de lessen stonden op hoog niveau, de studiediscipline eveneens. Iedere dag, in de avonduren, was er “studie”. Alle leerlingen zaten dan in de één van de studiezalen, onder toezicht van een surveillant. Deze studie-uren werden geopend en afgesloten met gebed, en verliepen in totale stilte. Afgeleid worden, praten met een buurman was uitgesloten, want de surveillant kwam onmiddellijk in actie. Ook op zondagmiddag en zondagavond was er studie. Wij hebben op de Ypelaar geleerd onze tijd nuttig te besteden, en geen tijd verloren te laten gaan.
Ook de lessen, en het wisselen van leslokaal door de leerlingen in de gangen, verliepen in volledig stilte. Er heerste een quasi monastieke sfeer. Maar wie zijn jonge jaren op de Ypelaar heeft doorgebracht, heeft geleerd zich te concentreren.

klassefoto archief janus roovers (Medium)Klassefoto uit de periode 1953-1955. Achter, derde van links: Ad Luyten; midden: priesterleraar dr. J. Reesink, geheel rechts: Cor van Sprundel. Middelste rij, derde van links, Ton Oomen; geheel rechts: ? Mol. Onderste rij: derde van links: Jan Verdult; zesde van links: ? Luyckx; zevende van links: Frans van Mierlo (archief Janus Roovers, 1953/1955).

klassefoto klas 6 10 oktober 1955 (Large)klassefoto klas 6 10 oktober 1955 (Large)Klas 6 (1955-1956) voor de refter. Achterste rij, van links naar rechts: A. Stevens, C. Akkermans, C. Vos, Jac. Brooymans, A. van de Hemel. Middelste rij: A. Verhaegen, W. Mol, A. Vermunt, T. Hilte, C. Embrechts, Jos Broos. Vooraan: Ad Oomen. Foto van 10 oktober 1955 (foto archief Ad Oomen).

klassefoto klas 5, 1962-1963 (Large)Klassefoto klas 5, 1962-1963. Staande, 7e van rechts: Régis de la Haye (met pijp). Links onder: Kees Razenberg.

Priesterleraar Van de Pol schreef  een lied over de worstelingen van een jonge Ypelariaan met het Grieks. Het kan gezongen worden op de melodie van : Ich bin ein Schweizer Bub, een van de liedjes uit de Cicada, de liedjesbundel die door Ypelaar was samengesteld.

 

Ik ben pas dertien jaar

 

Ik ben pas dertien jaar en op de Ypelaar.

Het leven valt mij zwaar op Ypelaar.

Want hoe ik hap en hap in ’t brood der wetenschap,

’t Is weinig wat ik snap bij elke hap.

 

Wij houden van muziek en van de gymnastiek,

Maar worden in de Griekse lessen ziek.

Waar is de seminarist die alle vormpjes wist

En nooit zich heeft vergist in d’aorist?

 

De vlam is in de pan: Een conjunctief met an!

Wie die daar wijs uit kan, zo’n zin met an?

Al blokken wij ons lens, het blijft een vrome wens,

Een onvervulb’re wens voor ieder mens.

 

Hoe worden wij onpasselijk van d’Ilias,

Vertalend in de klas de Ilias.

De namen zijn zo raar van heel die heldenschaar.

Er is geen naam zo raar op Ypelaar.

 

Zij heeft haar naam niet mee, mevrouw Penelopé.

Wie heet er in Breda Nausicaä?

Mijn zus heet Emelie, of doodgewoon Marie,

Maar waar ik niets in zie: Iphigenie!

 

Wat zou het leven fijn en zonder zorgen zijn

Wanneer hier slechts Latijn geleerd moest zijn.

Maar ’t Grieks is toch zo raar en ik ben pas dertien jaar.

Dus valt mij ’t leven zwaar op Ypelaar.

nieuwbouw-studiezaal-ypelaa

Stunt van de eindexamenkandidaten in de studiezaal van het nieuwe gebouw.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *